Dit is een gedeelte uit het levensverhaal van Rini Kalf uit Eindhoven. Rini is bij het verschijnen van deze uitgave jaar tachtig jaar oud. In zijn jeugd zijn dingen met hem gebeurd die zijn leven hebben bepaald. In de loop der jaren is Rini dat steeds sterker gaan beseffen. Om zijn herinneringen de baas te worden, is hij begonnen met schrijven van zijn levensverhaal.

Rini Kalf is geboren in Den Haag en al jong in een weeshuis geplaatst. Via drie pleeggezinnen is hij uiteindelijk terecht gekomen bij de fraters. Op al deze plaatsen – onder toezicht van de overheid – vonden mishandeling en misbruik plaats. Rini heeft besloten zijn verhaal te delen om ieders ogen te open voor de gevolgen van kindermishandeling en kindermisbruik. En om te onderstrepen dat misbruik niet verjaart.

Weeshuis en pleeggezin

Mijn naam is Rini kalf, eind jaren ‘30 geboren in Den Haag als één van de vier kinderen van een prostituee. Men vond in die tijd dat een vrouw met een dergelijk oneerbaar beroep, niet voor kinderen zou moeten zorgen. Toen ik drie jaar oud was, werd ik dan ook van de ene op de andere dag in een weeshuis geplaatst. Een traumatische ervaring. De nonnen die in het weeshuis voor ons moesten zorgen, waren niet zachtzinnig of liefdevol. Voor elke ongehoorzaamheid ging de stok er genadeloos over. En regelmatig werd ik in een teil met ijskoud water gedompeld en vastgehouden tot ik bijna stikte. Daarna mocht ik op adem komen, naakt in een speciaal strafhoekje.
Mijn moeder kwam me in die tijd regelmatig opzoeken. Dat waren de lichtpuntjes. Ik was de enige die bezoek kreeg van een moeder. Het speelgoed dat ze af en toe voor me meenam, moest ik dan ook altijd met de andere kinderen delen. Dat maakte mij een beetje bijzonder. En ook een beetje trots.
Toen de dag kwam dat ik hoorde dat ik naar een pleeggezin mocht, was ik in extase, ik stond te juichen op een tafel. Pleeggezinnen kregen echter geld voor het opvangen van weeskinderen, terwijl ze er ondertussen een goedkope arbeidskracht bij hadden. Liefde voor de kinderen kwam er eigenlijk niet aan te pas. Ik ging naar een boerderij in Schijndel. Daar konden ze me goed gebruiken. De boer zelf was vriendelijk en zachtaardig. We deden spelletjes en hij haalde grapjes met ons uit. Helaas was hij als veehandelaar veel van huis. Het runnen van het bedrijf liet hij aan zijn vrouw en twee volwassen kinderen over. Zij gedroegen zich als beulen. Ze lieten me slapen tussen de koeien, zonder dekens en zonder matras. Ratten staarden me ’s nachts aan. Voor dag en dauw moest ik aan het werk. Om de ergste honger te stillen, stal ik af en toe een ei uit het kippenhok. Mevrouw bevoelde daarom ‘s avonds laat elke kip. Ze kon voelen of er een ei in zat. Zo wist ze precies hoeveel eieren er moesten zijn. Als ze een ei miste, kon ik een flink pak slaag tegemoet zien.
Katholieke gewoonten werden in het pleeggezin fanatiek in ere gehouden. ’s Avonds moest ik naakt knielen, met mijn armen boven mijn hoofd. Ik moest dan een boek vasthouden met een fles erop en dan de rozenkrans bidden. Als die fles viel, dan trokken ze me aan m’n oren omhoog. Tot bloedens toe.
Ik plaste nog regelmatig in mijn bed. Dat zouden de kinderen van het pleeggezin mij wel afleren. Ze bonden een touw om mijn lijf en trokken me door de vijver van de ene kant naar de andere. Ze hielden er pas mee op toen ik zo goed als bewusteloos was. Toen ik nog een keer in bed plaste bonden ze mijn plasser dicht met een elastiek. De pijn was nauwelijks te verdragen. De volgende ochtend ving de boerin mijn urine op en liet het me opdrinken.

School

Als ik het minder druk was op de boerderij en ik niet hoefde te werken dan ging ik naar school. Als ik mijn huiswerk niet had gemaakt, moest ik naast de lessenaar gaan staan tot de meester kwam. Hij liet een liniaal achter in mijn broek glijden. Ik moest dan naar het toilet gaan en wachten tot hij kwam. Dan dwong hij mij mijn broek uit te trekken en over de wc te gaan hangen. Hij sloeg dan met de liniaal. Ik schreeuwde en huilde, maar hij propte slechts een zakdoek in mijn mond. Als hij klaar was en mijn billen vuurrood zagen, wreef hij er zachtjes zalf over en nam tegelijk ook de voorkant mee. Ik mocht er natuurlijk met niemand over praten.... En zo leerde ik langzaam aan om de wereld om me heen te wantrouwen.

Tweede en derde pleeggezin

Na bijna twee jaar werd ik overgeplaatst naar een ander pleeggezin in Schijndel. Ik moest daar harder werken dan ooit. Varkens verzorgen, koeien melken, gier uitrijden, hooien, kippen vangen, het ging de hele lange dag door. Ik werkte zestig of zeventig uur per week. Kreeg veel slaag en weinig eten. Ik at wat het gezin overhield, of ik moest restjes zoeken uit de vracht voor de schillenboer. Voor straf moest ik vaak in de stinkende gierkelder staan. Gelukkig woonden er goede mensen naast dit pleeggezin. Ik zocht en vond vaak troost bij de buurvrouw. Zij was ook degene die de politie belde toen ik weer eens grof mishandeld was omdat ik een melkbus met verse melk van mijn fiets had laten vallen. De politie schakelde de kinderbescherming in. Ik werd opnieuw overgeplaatst.

Vanuit Schijndel kwam ik terecht bij een familie in Nuenen. Daar ben ik bijna 4 jaar geweest. Het ging in het begin echt beter. Het gezin had twee kleine meisjes, dat vond ik leuk, daar speelde ik wel mee. Ik kon me af en toe echt ontspannen. Het was een grote boerderij waar ook wel 7 of 8 knechten werkten. Helaas kreeg de moeder van het gezin borstkanker. Dat wierp een enorme schaduw over het gezin, die een weerslag had op de relatie tussen mij en hen. Ik werd weer gereduceerd tot personeel. Neemt niet weg dat ik in dit gezin de beste tijd heb gehad.

Geld voor een pilsje

In de loop der jaren, toen ik een jaar of 14 was, zocht ik ook af en toe mijn vader op. Dan poetste ik zijn motor en daar kreeg ik dan wat geld voor. Met dat geld gingen we naar het café van mijn moeder. Dronken mensen en publieke vrouwen waren voor mij als kind de normaalste zaak van de wereld. Ik lustte inmiddels zelf ook wel een pilsje.

Bij de Kruisvaders

Op mijn zeventiende kwam ik terecht bij de Kruisvaders van Sint Jan in Rijswijk. De broeders waren smeerlappen die hun handen niet thuis konden houden. Zij hadden regelmatig seks met de jongens die aan hun zorgen waren toevertrouwd. Maar niemand durfde iets te zeggen. Want eigenlijk leidde elke straf die we van de broeders kregen tot seksuele handelingen. We moesten bij wijze van opvoeding soms urenlang naakt op een opklapbankje zitten. Eén van de broeders kwam dan ’s avonds zeggen dat we van het bankje af mochten. Het slachtoffer moest dan op zijn schoot zitten en werd betast. Toen ik iets ouder was ging ik naar de fraters in de retraite. Zij deden echt walgelijke dingen met mij, ondertussen liefkozend zeggend dat ik een lieve jongen was. Zij wasten ook dagelijks onze geslachtsdelen en wij moesten die van hen wassen. Het was afschuwelijk maar we zeiden niks.
Drank
Langzaam maar zeker ontdekte ik de verdovende werking van drank. Dat begon eigenlijk al toen ik als jochie van 14 meeging naar de kroeg waar mijn moeder werkte en het werd erger naar mate ik ouder werd.
Mijn broers hebben op een gegeven moment geregeld dat ik naar Brabant kon. Ik kon daar inwonen op een boerderij en ondertussen een normale baan hebben. Twee jaar later woonde ik zelfstandig en was ik een paar jaar molenaar. Het een relatief goede tijd. Ik ging dansen en biljarten. Maar ik had altijd alcohol nodig om te kunnen genieten.
In de tijd dat ik mijn eerste vrouw leerde kennen, ik was toen 21 jaar, had ik een baan in de bouw. Ik had een passie voor Rock ’n Roll. Ik gaf zelfs dansles. Mijn toenmalige vrouw deelde mijn passie. We waren gelukkig, maar ik had er steeds meer drank bij nodig. Alcohol om te voorkomen dat mijn herinneringen mijn leven verpestten. Ik had toen niet door dat dat al lang verpest was.
We kregen vier kinderen, vier zonen. Zowaar, we leken wel een normaal gezin. In vakanties naar de camping met een grote caravan. Ik ging vissen en spaarde luciferdoosjes en sigarenbandjes. Alcoholisme kostte me uiteindelijk mijn huwelijk. Mijn vrouw en vier zonen verdwenen uit mijn leven. Of ik uit dat van hen: ik kreeg van de rechter een huisontzegging en een straatverbod.

Doorgaan

Na een therapie van jaren heb ik geleerd zonder alcohol door te gaan. Dat lukt. Maar ik lever nog steeds een constant gevecht met mijn herinneringen. Ik kom niet los van de vraag ‘waarom?’. Waarom doen mensen een kind dit aan? Waarom overkomt dit mij? Ik kan het geen moment vergeten. Dat heeft me ook mijn tweede huwelijk gekost. De meningsverschillen gingen vaak over de opvoeding van onze zoon. Maar was ik eigenlijk wel in staat om een kind op te voeden? Zonder voorbeeld? Zonder liefde? Ik vermoed van niet.
Na de scheiding - we wonen dus apart - is het wel goed gekomen tussen mijn ex-vrouw en mij. Ik ben daar erg dankbaar voor. Ook vind ik het fijn dat ik weer contact heb met mijn oudste broer. Ik zie hem wekelijks.


Stop het zwijgen

Voor de ellende in mijn jeugd heb ik erkenning gekregen en schadevergoeding. Maar het pijnlijden is niet gestopt. Terugkijkend op mijn leven kan ik alleen maar denken aan wat ik allemaal ben kwijtgeraakt. Mijn jongens en mijn kleinkinderen. Ik zie hen helaas niet opgroeien. Het contact is al lang verbroken.
Ik hoop met dit verhaal te bereiken dat mensen hun ogen openen voor kindermishandeling en seksueel misbruik. En er iets mee doen als er signalen zijn. Ik hoop dat slachtoffers zelf ook hun mond open doen. Dit mag zo niet doorgaan. Stop het zwijgen! Voor mij is het te laat, doe het dan voor anderen. Want misbruik verjaart niet.

Cebeon heeft een onderzoek uitgevoerd over de Schadefonds-regelingen domein Samson, dit in opdracht van V&J.

Lees hier het hele onderzoek.

Sahar Meradji, redacteur bij Productiehuis Zodiak Nederland, heeft Skip benaderd in het kader van een documentaireserie over seksueel misbruik. Sahar zou graag in contact komen met lotgenoten die een bijdrage willen leveren aan deze in ontwikkeling zijnde documentaireserie. Meer informatie kan je vinden in onderstaande mail.

Heb je vragen of zou je in contact willen komen met Sahar, laat het me vooral even weten.

Met vriendelijke groet,

Hanneke Schut

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

In Augustus van dit jaar werd ik gebeld door SHN met de vraag of ik mee wilde werken aan de campagne “verbreek de stilte”.

Wat vooraf ging…….

Het was ergens vorig jaar dat ik besloot de telefoon te pakken en SKIP te bellen. Ik wist het allemaal even niet meer. Ik wilde iets gaan ondernemen. Ik wilde een melding gaan doen bij het Schadefonds. Ik wist niet wat, hoe of waar te beginnen.

Wat een warm bad! Ik heb een heel fijn en bijzonder gesprek gehad. Ik weet nog goed dat ik, door dat gesprek, stappen heb gezet om dichter bij mijn gevoel te komen. Organiseren en regelen zit in mij, ik ben er goed in en krijg voor elkaar wat ik gedaan wil hebben. Dus vroeg ik de dame, wat moet ik doen? Welke informatie moet ik verzamelen om mijn melding te gaan doen. Zij zei mij meerdere malen, stop eens even! Dit gaat over jou! Je pakt het op als een klus die even gedaan moet worden maar dit gaat over JOU! Er vloeiden heel wat tranen! Wat moet ik nog vaak aan haar woorden denken. Dit gaat over mij!

Stichting Seksueel Kindermisbruik Instellingen Pleeggezinnen (hierna te noemen SKIP) is een organisatie voor lotgenoten die in hun jeugd, onder verantwoordelijkheid van de overheid, in een rijksinstelling of pleeggezin zijn geplaatst en daar seksueel zijn misbruikt.

Wij willen verbondenheid creëren en ruimte bieden voor herkenning en erkenning. Om dit doel te bereiken organiseren wij verschillende activiteiten voor lotgenoten en waar mogelijk bieden wij aanvullend hulp, of gaan samen op zoek naar mogelijkheden voor passende hulp.

Jaarverslag

toelichting verslag 2016

Nieuwsbrief niet goed weergegeven? Bekijk de online versie.
   
  Utrecht - 01 maart 2017
 

Beoordelen en beschermen

 
 

Vrijdag 24 februari vond het symposium ‘Beoordelen en Beschermen - Dilemma’s rond hulp aan kwetsbare slachtoffers’ plaats in Ede. Slachtofferhulp Nederland organiseerde dit sympsosium samen met de Politie in het kader van de Europese Dag van het Slachtoffer op 22 februari. Onder het artikel met de conclusies van het symposium vindt u de 3 laatste nieuwsberichten van onze website.

   
   

Dilemma’s rond hulp aan kwetsbare slachtoffers

Ieder slachtoffer profiteert van een goede samenwerking in de strafrechtelijke keten, maar voor de juiste ondersteuning van kwetsbare slachtoffers is die samenwerking van essentieel belang. Dat is de conclusie van het symposium ‘Beoordelen en beschermen’ dat Slachtofferhulp Nederland en de Politie organiseerden ter gelegenheid van de Europese Dag van het Slachtoffer.

Voor sommige mensen is de kans groter dat zij (herhaald) slachtoffer worden van een misdrijf dan voor anderen. Of ze ervaren daarvan een grotere impact. Deze kwetsbare slachtoffers hebben gespecialiseerde ondersteuning nodig; de Europese richtlijn met minimumnormen voor slachtoffers noemt hiervoor onder andere de individuele beoordeling. Dit thema van beoordeling en bescherming staat hoog op de agenda. Met een aantal proefprojecten bereiden ketenpartners zich voor op 1 januari 2018, het moment dat de individuele beoordeling in de hele strafrechtketen ingevoerd moet zijn. Uit de eerste resultaten van die projecten blijkt dat kwetsbare slachtoffers veel baat hebben bij deze individuele beoordeling. Maar bij dit maatwerk komen professionals en ketenpartners wel allerlei uitdagingen tegen.

Uitdaging: kwetsbaarheid herkennen

Kwetsbaarheid en beperkingen vaststellen bij slachtoffers is op zichzelf al een ingewikkelde taak voor professionals. Zeker bij een doelgroep die er alles aan doet om die beperkingen te verhullen, volgens Hendrien Kaal, lector aan de Hogeschool Leiden. Zij sprak over de groep mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB). ‘Zij zijn waarschijnlijk oververtegenwoordigd in de slachtofferketen. Grootste uitdaging is allereerst om te achterhalen of iemand licht verstandelijk beperkt is. Het is niet te zien aan de buitenkant, en mensen zijn vaak goed in staat om hun beperking te verhullen. Tijd én maatwerk zijn vervolgens nodig om hen op de juiste manier te ondersteunen en beschermen.’ 

Uitdaging: samenwerken vanuit een gezamenlijk belang

Dat samenwerking tussen ketenpartners essentieel is om slachtoffers goed te ondersteunen, daarover is iedereen het wel eens. Maar hoe moet je die samenwerking stroomlijnen? Dat is nog een groot vraagstuk. ‘Samenwerken is moeilijk’, stelde John Goedee, Bijzonder Hoogleraar Complexe Samenwerkingsprocessen Universiteit Tilburg. ‘Veel organisaties zijn geneigd om langs elkaar heen te werken, elkaars expertise niet goed in te zetten en geen duidelijke afspraken te maken over het resultaat. De topdown-organisatiestructuur van veel organisaties belemmert een goede samenwerking. Vaak staan de eigen organisatiedoelen centraal en niet het belang van het slachtoffer. Mooi beginpunt voor een soepele samenwerking is dat ketenpartners samen leidende principes vaststellen. Die vormen dan de basis voor de samenwerkingsstructuur. Waarin partijen samen verantwoordelijk zijn voor het resultaat.’

Kans: ervaring inzetten

Roser Vlug Vives Batista is nabestaande van een geweldslachtoffer en riep professionals op om altijd te kijken naar de omstandigheden van het slachtoffer dat tegenover je zit. ‘Pas dan kun je bepalen of iemand meer aandacht en ondersteuning nodig heeft. Want is niet ieder slachtoffer kwetsbaar?’ Roser benadrukte dat zij en vele andere lotgenoten hun ervaringen graag delen met professionals. ‘Maak daar gebruik van. Leer ervan. Dan is het ons niet voor niets overkomen. Zie ons als volwaardige partners om de slachtofferzorg continu te evalueren en verbeteren.’

Lees het bericht op onze website

   
     
   

Wat verscheen onlangs op onze website?

Hieronder ziet u welke 3 berichten we onlangs publiceerden op onze website. U leest de berichten via onderstaande links online.

  

1. Onderzoek naar seksuele intimidatie en misbruik in de Nederlandse sport, 1 maart 2017: 
Mensen die hun verhaal kwijt willen of ondersteuning nodig hebben, kunnen terecht bij de Hulplijn van Slachtofferhulp Nederland via 0900 9999 001.

2. Onderzoek naar slachtoffers die niet willen deelnemen aan bemiddeling, 22 februari 2017:
Slachtoffers zijn gebaat bij volledige informatie.

3. Vanavond in Zembla: misbruik in de kerk, 22 februari 2017:
Zembla onderzoekt of de slachtoffers recht is gedaan. Kijk vanavond om 21.20 uur naar Zembla op NPO 2.

Ga naar alle nieuwsberichten

   
     
  Afmelden

Volg ons ook op:

   

Symposium “Wat wél werkt!”

Het spanningsveld tussen eigen regie en professionele hulpverlening.

Georganiseerd door hulpverleningnaseksueelmisbruik.nl
Ivonne Meeuwsen en Agnes van der Graaf

 

Zaterdag 12 november jl. mocht ik, namens SKIP, naar bovenstaand symposium. Ik was heel blij met de mogelijkheid om met mijn gipsen voet mee te kunnen rijden. Anders had ik deze mooie dag moeten missen.
Bij binnenkomst was er een warm ontvangst door Ivonne. Van Agnes kreeg elke deelnemer een programmaboekje en een badge. Een badge vind ik dit zelf erg fijn als ik mij als eenling in een groep met voornamelijk onbekende begeef.
Net voor aanvang van het programma een leuke spontane ontmoeting met Linda van SKIP. Dat maakt het alleen komen toch wat aangenamer.

De commissie die onderzoek doet naar geweld in de jeugdzorg, breidt haar onderzoek naar geweld in de jeugdzorg uit naar doven- en blindeninternaten. De commissie onderzoekt wat er is gebeurd, hoe het kon gebeuren, hoe de pupillen het hebben ervaren en de invloed die het geweld of misbruik heeft gehad op hun latere leven.

meer informatie:

Slachtofferhulp

commisiepagina

Misbruikslachtoffer Roos Haase werd als baby van 2 uur oud door haar moeder weggegeven aan een pleeggezin. Daar werd ze tot haar achttiende misbruikt. "Alles van slaan, schoppen, vernederen, tot seksueel misbruik", vertelt ze.

Het kan niet anders dan dat ze dat geweten heeft, maar ze heeft er niets aan gedaan.

Roos Haase

Lees hier het artikel op NOS.nl

Deze film is tot stand gekomen met dank aan: Filmgroep het Accent Gorssel/Lochem

Vind jij ook dat er betere behandeling voor jeugdtrauma’s moet komen?

Sta je veel te lang op een wachtlijst
of heeft de gespecialiseerde
behandelaar geen plaats voor jou?

Lees hier het pamflet!

Uitnodiging Actiebijeenkomst

Meldactie ‘Betere behandeling voor jeugdtrauma’s’

Landelijke actiebijeenkomst voor alle mensen met jeugdtrauma’s.

Vind jij ook dat er betere behandeling voor mensen met jeugdtrauma’s moet komen? Kom naar de landelijke Actiebijeenkomst.
Vrijdagmiddag 16 juni in Amstelveen.
Alles over de actie kun je vinden op www.strakxisnu.nl en www.caleidoscoop.nl

Lees hier het pamflet!

Vanmorgen vroeg ( 7.00 uur ) was  voorzitter Barth van Eeten te beluisteren bij het NOS Radio1 Journaal.

Barth van Eeten, voorzitter van slachtofferorganisatie Seksueel Kindermisbruik Instellingen Pleeggezinnen (SKIP), noemt nog een belangrijke voorwaarde waaraan veel slachtoffers niet kunnen voldoen. "Je moet het misbruik ook kunnen bewijzen." Maar dat is ongelooflijk lastig, zegt hij. "Heel veel archieven zijn weg. En veel zaken speelden in de jaren 50 en 60. Veel volwassenen van toen zijn er gewoon niet meer. Ook zijn instellingen voor seksueel misbruik door fusies en overnames overgegaan in andere instellingen."

10.000 slachtoffers

Van Eeten noemt het ook een "groot probleem" dat de instellingen van nu de schadevergoedingen moeten betalen. "Dat is natuurlijk een heel rare regeling. Het is letterlijk gebeurd dat de instelling tegen het slachtoffer zei: als wij uw schadevergoeding betalen, gaat dat ten koste van de zorg die wij verlenen aan kinderen van nu." Zo'n uitspraak legt nog meer druk op de slachtoffers, zegt hij.

Hij denkt dat al die voorwaarden zijn bedacht om te voorkomen dat alle mensen die seksueel misbruikt zijn, daar melding van doen. En dat is volgens hem ook gebeurd. Veel mensen zijn niet naar de commissie gestapt en er zijn waarschijnlijk veel meer slachtoffers, zegt Van Eeten. "De commissie-Samson heeft onderzoek gedaan en een inschatting gemaakt dat in totaal ongeveer 10.000 kinderen zijn misbruikt."

Het onderzoek van de commissie geweld jeugzorg loopt via een meldpunt, je kunt hier meer informatie vinden.

De vragenlijst is behoorlijk uitgebreid en waarschijnlijk duurt het invullen minimaal 60 minuten. Je kunt heen- en weer springen tussen de verschillende pagina’s, maar je kunt de vragenlijst niet tussendoor opslaan en afsluiten. Er wordt wel gewerkt aan deze mogelijkheid. 

Onze nieuwe naam is vanaf nu een feit! Slachtoffer in Beeld heet Perspectief Herstelbemiddeling.

Naast een nieuw logo is al ons communicatiemateriaal aangepast en is de url van onze website www.perspectiefherstelbemiddeling.nl

 

 

De regels van de Tijdelijke regeling en Het Statuut moeten op de schop!

Voor mensen die, tussen 1945 en 2012, te maken hebben gehad met seksueel misbruik binnen een instelling of pleeggezin, zijn er twee regelingen in het leven geroepen, te weten: de Tijdelijke regeling en het Statuut. Beide regelingen lopen eind februari 2017 af. De periode dat deze regeling van kracht is, is veel te kort en dat zal er vast mee te maken hebben, dat mensen pas over seksueel misbruik kunnen praten wanneer ze daaraan toe zijn. Wat er ook mee te maken zal hebben, is het feit dat je wel een heel sterke zaak moet hebben wil je in aanmerking kunnen komen voor het Statuut. Mensen moeten namelijk bewijzen, dat wanneer ze binnen een instelling seksueel geweld ondervonden van huisgenoten, er tenminste één medewerker van de instelling op de hoogte was en niets deed. Voor kinderen in een pleeggezin gold ook zo’n regel: wanneer het misbruik plaatsvond binnen de kringen van het pleeggezin, dan moet je nu kunnen bewijzen dat tenminste één medewerker van de plaatsende instantie op de hoogte was en niets deed.

Het is onvoldoende wanneer men dat aannemelijk kan maken, steunbewijs is niet voldoende, hier gaat het om hard bewijs. Mocht zoiets ooit in een dossier gestaan hebben, dan is de kans om dit terug te vinden erg klein, immers door de tijd heen waren er wisselende regels met betrekking tot de vernietiging van dossiers, zodat hier nu niets meer van terug te vinden is. Daarnaast is het zo dat dergelijke meldingen hun weg naar een dossier dikwijls niet vonden. Bijvoorbeeld wanneer een medewerker of voogd/voogdes wel op de hoogte was, maar niets deed.

De wegen van de regelingen zijn zwaar, en die van het Statuut extra zwaar, omdat het bewijs maar zelden geleverd kan worden.

Voor mensen die als kind misbruikt werden door een medewerker van de instelling of door iemand van de plaatsende instantie, geldt deze bewijseis niet, want in dat geval was van de instelling of de plaatsende instantie tenminste één persoon op de hoogte. Te weten: de dader. En nee, die deed doorgaans niets om het misbruik te stoppen. Dan rest nog het misbruik op zich aannemelijk te maken.

Wanneer men een beroep doet op het Statuut, stelt men in feite Jeugdzorg verantwoordelijk en laten we wel wezen: Jeugdzorg was verantwoordelijk. Maar deze verantwoordelijkheid neemt men alleen in geval er bewezen kan worden dat Jeugdzorg, op de hoogte was en niets deed. Daarmee wordt de verantwoordelijk voor een melding van het misbruik van toen, gelegd bij het kind van toen. Alsof dat kind van toen zo even de telefoon kon pakken, of zo met bus en trein naar de plaatsende instantie kon gaan. Of dat een kind dat misbruik ondervond van groepsgenoten, maar zo even dat aan de leiding kon vertellen. Immers daders uiten doorgaans ernstige dreigementen om hun slachtoffer het zwijgen op te leggen.

De regels voor het Statuut zijn onder andere door Jeugdzorg zelf opgesteld. Jeugdzorg hoeft zich alleen maar te verdedigen tegen die bewijseis door te laten weten dat ze van niets hebben geweten en dus ook niets konden doen, want wanneer je niet weer dat een kind seksueel misbruikt wordt, dan kun je het misbruik ook niet laten stoppen. Er wordt van Jeugdzorg niet verlangd dat zij kunnen bewijzen dat alles in het werk is gesteld om de kinderen van toen goede zorg te bieden. Ze hoeven niet te bewijzen dat voogden één op één gesprekken hadden met de kinderen, ze hoeven zelfs niet te bewijzen dat ze überhaupt het kind regelmatig bezochten. Ze hoeven alleen maar aan te voeren dat ze niets wisten. En zelfs dat hoeft niet bewezen te worden, ze hoeven het alleen maar te zeggen. De bewijseis pakt vooral in het voordeel van Jeugdzorg uit. Voor het kind van toen is het in de meeste gevallen een niet te nemen hindernis. Geen wonder dat maar zo weinig mensen met (enig) succes een beroep kunnen doen op het Statuut. Voor de kinderen van toen, betekent dit alles vaak dat ze ook nu monddood gemaakt worden, want: wie gelooft er nu een kind?

Het melden van misbruik zou niet mogen verjaren. Daarom zou de mogelijk om gebruik te maken van de regelingen ook niet mogen verjaren. Daarom pleiten wij ervoor dat de einddatum, eind februari 2017, opgeschort wordt, immers: misbruik verjaart niet.

Er zijn 5.000 handtekeningen nodig om onze petitie aan te kunnen bieden aan de Tweede Kamer. Daarom hebben we ook uw handtekening nodig.

Ja, ik steun en onderteken deze petitie:

Aan het Ministerie van Veiligheid en Justitie en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Hierbij verzoeken wij u om de volgende regel uit het Statuut te verwijderen:

  • De bewijseis, te weten: Jeugdzorg moet op de hoogte zijn geweest van het misbruik, door een medejongere wanneer het gaat om misbruik in een instelling, of door iemand binnen de directe kring van het pleeggezin, ingeval van misbruik binnen een pleeggezin, waarbij Jeugdzorg niets heeft ondernomen om het misbruik te stoppen.

Hierbij verzoeken wij u tevens om de volgende regel uit de Tijdelijke regeling en het Statuut te verwijderen:

  • De einddatum, te weten: 28 februari 2017

 

 

 

 

Het Kabinetsbesluit om het onderzoek van de Commissie De Winter uit te breiden met de met rechterlijke machtiging geplaatsten in de jeugd GGZ,  de alleenstaande onder voogdij staande minderjarige vreemdelingen, en de in doven- en blindeninternaten opgenomen minderjarigen, is positief te waarderen.

De commissie Geweld Jeugdzorg heeft een Facebook pagina.

https://www.facebook.com/CommissieGeweldJeugdzorg/

Via Facebook zullen we mensen op de hoogte houden van het laatste nieuws rondom de commissie en ons onderzoek. Op deze manier proberen we meer mensen bekend te maken met ons Meldpunt. Zo hopen we zo veel mogelijk slachtoffers van geweld in de jeugdzorg na 1945 te bereiken om melding bij ons te doen. Uiteraard zullen we ook informatie op onze website blijven plaatsen.

Melding doen kan niet via de Facebookpagina. Mensen kunnen melding doen via ons telefonisch meldpunt (088-3717500, bereikbaar van maandag t/m donderdag van 09.30-12.30 uur), door te mailen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of via de website www.commissiegeweldjeugdzorg.nl.

Dit betreft dus OOK de Jeugd-GGZ, Blinden en Doveninstituten plus de alleenstaande minderjarige asielzoekers.

 bed bugs 250x250

 De commissie Geweld Jeugdzorg vraagt via hun meldpunt om een lijst in te vullen. 

 Een lotgenoot heeft dit gedaan en de lijst geanonimiseerd beschikbaar gesteld voor publicatie.

Muziek & Lyrics: Rosemary Lengton okt 2016

Met het oog op de week tegen kindermishandeling (14 t/m 20 november 2016) wil ik graag mijn lied "Doorbreek het Zwijgen" met videoclip geheel belangeloos opdragen aan alle stichtingen en verenigingen die zich bezig houden tegen kindermishandelingen, voor belangstellenden en natuurlijk helemaal ook voor de slachtoffers zelf

Zal het Rome ooit lukken om hard op te treden tegen seksueel misbruik? De pauselijke adviescommissie die maatregelen tegen misbruik moet formuleren is er niet meer zo zeker van. Adviseurs mopperen dat het Vaticaan haar adviezen in de wind slaat.

lees hier het artikel op trouw.nl

Het geweld waar kinderen in de jeugdzorg mee te maken hebben gehad, voelt voor hoogleraar pedagogiek Micha de Winter als een dolksteek. Zijn commissie doet onderzoek naar het geweld in de jeugdzorg vanaf 1945 tot heden.

Lees hier het hele artikel in het AD.

Vanaf dinsdag 8 november is het meldpunt geopend via telefoonnr 0883717500.

Onlangs zijn de openingstijden van het telefonisch meldpunt aangepast. Ze zijn nu bereikbaar van maandag tot en met donderdag. tussen 09.30 en 12.30 uur. 

Mensen die graag telefonisch melding willen doen maar niet kunnen bellen binnen deze openingstijden, kunnen een mailtje sturen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.. Zij nemen dan zo snel mogelijk contact op om te kijken of er een belafspraak op een ander tijdstip mogelijk is. 

Jeugdzorg kampt met betalingsproblemen en zware administratieve lasten, sinds deze zorg in 2015 is overgeheveld naar gemeenten.

lees hier het artikel op nrc.nl

Sanne werd jarenlang misbruikt en mishandeld, door familie, in tehuizen en door een loverboy. Niemand greep in. Haar tip: ‘Kijk ook eens naar dat meisje dat altijd lacht’. 

Lees hier het artikel op Linda Nieuws.

Jongeren Task Force op facebook:

https://www.facebook.com/jongerentaskforce/

Subcategorieën